Maandag 12 februari 2001
Voor 5:30 uur gaat een van ma's wekkertjes. Veel te vroeg! Volgende keer moet ik het alarm maar instellen. Ik verwacht namelijk niet dat we voor 7:00 uur voor het ontbijt terechtkunnen. Het is immers maar een klein motelletje. Ik loop nog wel even naar het restaurant, omdat ik mijn lensring verloren ben. Niet te vinden.
Het hout dat gebruikt is in de kamers, is Rimu, een inheemse houtsoort. Naast de schelpentafels hebben ze houten- en parelmoeren vissen aan de muur. Zeer mooi allemaal.
Iets voor 7:00 uur kunnen we pas ontbijten. Felix heeft mijn lensring gevonden. Gelukkig heb ik er een P-Touch naamstickertje opgeplakt! Het ontbijt is goed. Ik eet nog steeds teveel, maar ik heb nu eenmaal trek.
De stugge man van gisteren (geen Pat, maar Roger), is behoorlijk ontdooid. We nemen uiteraard weer wat mee voor tussendoor.
Om 8:04 rijden we al naar het zuiden, Over de “25”, via Waihi, verder. Bij Te Puke zullen we richting Rotorua gaan. De wegen zijn hier niet al te best. Wel geasfalteerd maar behoorlijk bumpy. De wegen zullen het hier wel zwaar te verduren hebben. Bij hoogwater schijnen bepaalde delen onder water te kunnen staan (op een van de kaartjes van Janny S. stond inderdaad aangegeven dat je met een huurauto bepaalde gebieden niet in mocht). We dalen en stijgen afwisselend. Ik voel het ook duidelijk aan mijn oren.
GSM-dekking is vooral in de grote steden. Hoewel de ‘25‘ een van de doorgaande wegen is, zijn er blijkbaar geen antennes langs de weg geplaatst. Overigens moet je je niet teveel vorstellen van een grote weg buiten de stedelijke gebieden: het is slechts een tweebaansweg.
Dennen en eucalyptusbomen langs de weg. Allemaal voor de kap (en ingevoerd) om te kunnen exporteren naar de landen van het Verre Oosten Vooral Japan (alle Japanse kranten schijnen op hout uit Nieuw-Zeeland gedrukt te zijn).
We rijden door een groen bergachtige (of zijn het nog steeds slechts heuvels). Er zijn wel veel weilanden, met onder andere Jersy's (melkvee). Zo nu en dan passeren we kreekjes (al bruin van de beroering in het water) en moerassige gebieden. Ook flitst er, sporadisch weliswaar, periodiek een boomgaard voorbij. We passeren ook rivieren.
In Whangamata, een plaatsje dat vooral bekend staat om haar surfstranden, is het vuilophaaldag Geen rolemmers, alleen vuilniszakken. Geen idee of ze aan gescheiden afval doen. Het zou me verbazen als ze er niet aandeden. Er is ook een computerzaakje met Internetgang, Het is een Canon-dealer… .hmmm, was misschien wel makkelijk geweest om die PowerShot aan de praat te krijgen op VideoCOW.
Nog 17 kilometer naar Waihi. Ik heb even geslapen Ma slaapt ook. Buiten is, door de regen niet veel te zien. We verlaten de Coromandel. Naast de Kaori-boom werd er hier ook goud gevonden. Vroeger was dit het gebied waar de Maori's zaten. Nu zitten ze geconcentreerd in en om Rotorua.
Rond 9:15 uur zijn we in Waihi. We zijn de bergen (even?) uit en we rijden dus ook niet meer door de laaghangende bewolking. We hebben beide weer geslapen. Gelukkig is er momenteel relatief weinig te zien.
Bij het Waihi Information Center staat een bordje 'Closed'. We stoppen er ook even en Felix en Ken de chauffeur (niet in uniform, overigens) gaan toch naar binnen. Als ze weer naar buien komen dan loopt er een medewerkster mee naar buiten die snel het bordje 'Closed' wijzigt in ' Open'. Ze waren dat blijkbaar vergeten.
Er is weinig verschil, zo op het oog, tussen Australische en Nieuw-Zeelandse kleine plaatsjes. Zelfde soort winkeltjes, zelfde soort huizen. Nog steeds overwegend hout. Sommige woningen zijn zeer slecht onderhouden.
We houden hier een koffiestop tot 10:00 uur. Ma gaat even naar het toilet, maar verder hebben we alleen even gewandeld door de stad. Toen we Waihi inreden zag ik een "Hardware store (and more)". Daar wil ik in ieder geval heen en dat lukt. Ik koop er een 'adaptor US socket NZ plug' (NZ$5.65). Geen verrassingen meer in de hotelkamer. In ieder geval niet voor wat betreft het telefoonstekkertje.
De plaatselijke garage ziet er niet modern uit. Geen brug. De auto die gerepareerd moet worden, wordt gewoon op een zware krik gezet. In de bus eten we een klein tussendoortje.
Uit deze streek komt 75% van de Kiwi-produktie. Normaal gesproken is het hier schitterend weer. Tja. De Kiwi-plant is na WO II als sierplant ingevoerd in Nieuw-Zeeland. Nu is de vrucht een van de belangrijkste exportartikelen.
We rijden inderdaad duidelijk door Kiwi-land. Links en rechts uitgestrekte Kiwi-plantages. Het blijft heuvelachtig en in de dalen zie je dekens van varens (het zal hier dus normaal gesproken veel moeten regenen varens hebben toch veel water nodig?). Er zijn hier ook Avocado -en appelkwekerijen aanwezig.
We rijden Katikati binnen. Precies zo'n plaatsje als Waihi. Ik moet de eerst volgende keer dat ik Internet-toegang eens kijken of ik alle kaartjes op de webserver heb staan, want volgens mij ben ik het een en ander vergeten op VideoCOW te zetten. Vandaar dat ik tot nu toe geen routekaartjes heb opgenomen.
Spanje, Portugal, Nederland en Groot-Brittannië De eerste twee proberen zieltjes te winnen (en gelijk rijkdom vergaren), Nederland probeert te handelen (overal handelsposten) en Groot-Brittannië was er op uit het rijk te vergroten.
Abel Tasman ontdekte in 1649 Nieuw-Zeeland. Zag geen handel in dit gebied omdat vier bemanningsleden bijna direct werden gedood (Moordenaarsbaai). Een en ander rustte op een niet kunnen interpreteren van de Maori-cultuur: Tasman beantwoordde een geluidssignaal wat voor de Maori's gelijkstond aan een oorlogsverklaring.
Pas in 1769 kwam Cook in deze contreien. Cook had een Haitiaan bij zich die de cultuur begreep. Cook bracht alles in kaart en beschreef flora en fauna. Engelstaligen beschouwen Cook als de ontdekker van Nieuw-Zeeland (en Australië), maar de Nederlanders waren er het eerst. Zij waren alleen niet uit om landje pik te spelen. Ze claimden ook alleen het land (geen blanke settlement, dan is het te claimen) en trokken verder. Kolonisatie volgde later pas.
In het begin vestigden zich in het noorden wel walvis- en robbenjagers (Bay of Islands). De Maori-vrouwen werden als hoeren gebruikt (Gedwongen? Vrijwillig? Geen idee.) Nieuw-Zeeland is lang vanuit Australië bestuurd. Anderzijds werd het meeste materiaal, vooral hout, vanuit Nieuw-Zeeland naar Australië gebracht.
Nieuw-Zeeland kent geen geschreven grondwet. De grondwet van Australië kent een hoofdstuk in haar grondwet die er rekening mee houdt dat Nieuw-Zeeland als zesde provincie aan Australië wordt toegevoegd.
Iets voor 11:00 rijden we Tauranga in. Tauranga ligt aan de Bay of Plenty (zo genoemd door Cook). Dit is het centrum van het Kiwigebied. Ma slaapt, ik dut ook steeds in. Gelukkig heeft ma haar kraag om, dus slapen in de bus mag geen probleem zijn.
Benzine is rond de NZ$1.06 per liter Unleaded. De NZ$ is iets meer waard dan de gulden.
Weilanden vol herten. Sinds de UK toegetreden is tot de EG, heeft Nieuw-Zeeland andere manieren moeten vinden om economisch het hoofd boven water te houden. Een van die manieren is het houden van herten en de export daarvan richting het Verre Oosten. Een andere manier is de bosbouw. Men zorgt er daarbij wel voor dat grote stukken inheems bos geconserveerd blijven. Gekaapte stukken grond moeten weer bebost worden.
Planning: rond 12:00 uur lunch op eigen gelegenheid te Rotorua. 13:00 uur museum. Daarna vast even naar het hotel en daarna een bezoek aan het thermische gebied, gevolgd door een Maorische-maaltijd en, ongetwijfeld, Maorische dansen. We zullen daarna pas weer ergens na 21:00 uur op de hotelkamer terug zijn.
Ik merk opeens dat ik behoorlijk aan het krabben ben op mijn rechterhand. Het is rood en de bubbeltjes komen terug. Yak, De jeukindex stond juist zo mooi laag (rond de 20). Vanochtend iets gegeten waar ik niet tegen kan? Zat dan zeker in de gemengde havermout/vruchten-smots (geen idee wat het was). De jeuk werd thuis in ieder geval niet (alleen) veroorzaakt door het stof bij mij in huis. Anders was het allemaal allang over geweest, denk ik.
Rotorua ligt midden in het thermische gebied. Het is nu 12:00 uur en we naderen deze stad; er hangt al vaag een zwavellucht. Het wordt buiten lichter, maar het regent nog steeds. Het is ook nog steeds zwaarbewolkt, maar gelukkig niet koud (of te warm).
We rijden, denk ik, door Rotorua (voorstad van?). Veel grote bakstenen woningen, veel winkels en veel zaken die je in Nederland op een industrieterrein tegenkomt (autohandelaren. Ook wat op grote supermarkten lijkt. Ah, een bordje 'City Centre 2 (km?)'. Dit is Rotorua al. De zwavellucht wordt sterker.
We rijden langs het Lake Plaza Hotel. Daar overnachten we vannacht. Schuin tegenover het hotel zit een grote supermarkt (Pak'n Save). Lekker. Ik zie iik een Burger King en een Sizzler's. En een McDonalds, natuurlijk. We zitten in ieder geval redelijk dicht bij een winkelgebied. Bij onze vorige Wereldcontactreis naar Australië zaten we vaak "in the middle of nowhere". Je kon nergens heen. Het is intussen 12:14 uur. Begin weer trek te krijgen. Ik krijg meer jeuk (overal) zou ik last van de zwavel hebben? Of komt het, omdat ik gisteren de laatste Celestone van mijn tweede kuur heb geslikt. Zou de jeuk zo snel terug kunnen komen? De volgende kuur mag ik pas volgende week weer beginnen.
Bij het museum aangekomen krijgen we tot 13:10 uur de tijd om te eten. Veel keuze, in tegenstelling tot het gebied waar we net doorheen reden, is hier niet. Je hebt hier alleen de museumrestauratie. Rondlopen kan je hier verder niet, want je hebt bijna nergens afdakjes (en er is hier verder sowieso niets te doen). Ik zit liever middenin het centrum, want daar kan je veel van het "echte" leven zien.
De camera's moeten in de bus achtergelaten worden, net als grote tassen. Jammer, ik had graag foto's willen maken tijdens de lunchperiode. We gebruiken de lunch buiten (we moeten vanmiddag of vanavond echt even naar de supermarkt om de voorraden aan te vullen). Buiten is het in ieder geval lekkerder voor mijn jeuk dan binnen, waar het ongetwijfeld een stuk warmer is.
Ma koopt nog voor de tour een aantal mooie ansichtkaarten in het Rotorua Museum of Art & History (Te Whare Taonge o Te Arawa). Ik blijf zoveel mogelijk buiten; is het lekkerste tegen de jeuk.
We worden rondgeleid door een vrijwilligster met de naam Karen. Eerst bezoeken we wat zalen met Maori-kunst (wij noemen de kunst, voor de Maori heeft het een meer heilige betekenis).
Het houtsnijwerk van de Maori's is voor een deel duidelijk herkenbaar als dat van Polynesiërs door kenmerken als gebogen knieën en gevouwen handen op de buik. Uniek voor de Maori's zijn de dubbele spiralen in al hun houtsnijwerk. Verder maakten zij gebruik van hagedissen om kwaad aan te geven. De ogen zijn meestal van paarlemoer. Het voorvaardelijke Polynesische thuisland wordt overigens Hawaiki genoemd.
Tatoeages: bij mannen wordt het gele gezicht getatoeëerd Bij vrouwen alleen de kin. Ik weet niet wat de definitie van tatoeëren is, maar de tatoeages worden gesneden en niet geprikt (zoals wij het kennen). In het museum hebben ze ook nog wat authentieke capes. Het zijn unieke exemplaren, waar alle veren afzonderlijk zijn aangenaaid. De capes zijn gemaakt van mountain cabbage tree vezels.
Overal liggen verse takjes met drie of vijf bladeren van de 5-vingerplant. Deze zijn hier geplaatst als een offer. Bij de ingang van de Maori-tentoonstelling staat ook een schaal met water en ik zie een Maori-vrouw haar handen wassen.
Waarschijnlijk mag er niet gefotografeerd worden, omdat het tere objecten zijn en omdat sommige objecten wellicht heilig zijn.
Ria (de vrouw van de reisleider) concludeert dat ik computerverslaafd ben, omdat ik probeer mee te tikken. Dat ik (enigszins ;-) computerverslaafd ben klopt natuurlijk, maar het mee tikken doe ik, omdat ik anders teveel vergeet. Ben benieuwd hoe ze mensen bestempelt die steeds meeschrijven in een notitieboekje.
Voor de overige artefacten hebben we minder tijd. Toch bekijken we nog wat kano's en een "achterbeeld" van een oorlogskano en een boegbeeld van een visserskano (een stuk kleiner). Ook dit is zeer kunstig bewerkt. Weer van die dubbele spiralen, onder andere. (tõtara tree).
We zien ook de versierde panelen van een gemeenschapshuis en het is goed dat iemand ons rondleidt, want alle uitleg is wel zo leuk. De volgende keer ga ik waarschijnlijk wel mee met de groep zonder Felix als tolk, want het gaat niet snel (Felix vertaalt overigens zeker niet slecht). De panelen van gemeenschapshuizen waren los te halen, zodat in geval van oorlog ze snel gedemonteerd en verstopt konden worden.
Halverwege de tour krijgen we een film te zien. We worden een zeer oud uitziend, klein theatertje ingeleid. De film gaat over de geschiedenis van Rotorua en het badhuis in het bijzonder. Het verhaal wordt vanuit het perspectief van de Maori verteld.
Volgens een legende van de Maori's zijn de warme bronnen ontstaan door een vurig monster dat door de zusters van een van de eerste Polynesiërs (waar de Maori van afstammen) was gestuurd om de ontdekkers van een bevriezingsdood te redden. Nadat de Europeanen Roturua en haar warme bronnen hadden ontdekt, werd het een soort poel des verderfs. Voordat de Europeanen er kwamen, kenden de Maori's geen geld en geen alcohol. Door hebzucht en drankmisbruik raakten de normen en waarden in verval. Er waren voortekenen dat de goden (god?) vertoornd waren, bijvoorbeeld door het uit het niets verschijnen van een oorlogskano, waarvan de peddelaars in dieren veranderden, waarna de oorlogskano weer in het niets verdween. In 1886 barstte de vulkaan bij Roturua uit. 120 Doden. De wereld verging niet, maar de Maori beterden hun leven. De vulkaanuitbarsting op de film werd ondersteund door trillende banken. Leuk! Het was sowieso een mooi gemaakte film, met delen als "aged film" en er echt uitziende computeranimaties. Had ik van tevoren niet verwacht.
Na de film worden we nog rondgeleid door de badhuisexpositie. Vond ik minder interessant. Ik had liever wat langer in het Maori-deel rondgehangen. Maar ja, het is en blijft een groepsreis... Op zich wel grappig is dat het land waar het museum op staat (het toenmalige badhuis) geschonken is door Ngati Whakaue, een Maori-hoofdman, als onderdeel van de Fenton Agreement van november 1880. De thermische bronnen zijn vanaf 1874 bekend, maar pas vanaf 1878 is er gebruik van gemaakt om iemand te genezen. In 1882 staat het eerste gebouw er, maar door de inwerking van de gassen en het vocht stort dat al snel in. Vanaf 1885 is er echt sprake van een badhuis, terwijl met de bouw van het huidige gebouw in 1902 is gebonnen. In 1908 werd het geopend. In 1966 verloor het badhuis haar status als medische instelling (vanaf 1940 ging het al slechter, omdat men niet meer geloofde in “balneology” (leer van het behandelen van ziekten door middel van waterkuren).
Rond 15:00 uur zijn we op het hotel (het blijkt zeer dicht bij het museum te zijn). We hebben tot 16:15 uur de tijd om iets anders te doen. Eigenlijk wil ik naar de "Pak 'n Save" aan de overkant om wat spullen te kopen voor de hapjes tussendoor. Ik heb er alleen geen puf in. Het is ook beter om de jeuk te behandelen.
Ma probeert of ik ook allergisch ben voor de Tea tree-olie. Dat blijkt niet zo te zijn. Vanavond maar eens een bad met deze olie nemen.
Ik ga maar een beetje verslag schrijven. Zal ook wel nodig zijn, want we zijn vanavond relatief laat terug in het hotel. Euh, euh, euh.", roept ma, "Je krabt echt!". "Het jeukt ook echt!", zeg ik. Ma wil eigenlijk met me naar een doktor. Ik vindt dat nog een beetje vroeg daarvoor. Ik krijg waarschijnlijk dan toch gewoon een Prednisolonkuur voorgeschreven en die heb ik al bij me!
Om 16:15 uur komen we aan bij Te Wakarewarewatangaotepetauaawahiao (meestal aangeduid met Te Wakare). Hier maken we kennis met de Maori-cultuur. Het is opleidingsinstituut voor Maori's om de houtsnijkunst niet vergeten te laten raken. Helaas heb ik niet alle verhalen kunnen volgen, want ik stond veel achteraan. Wat ik wel meekreeg is dat figuren die nog leven drie vingers hebben en een vierde vinger het hiernamaals voorstelt.
De vrouwen maken manden, kleding en "tassen". Dit doen ze met vezels van Flaks (?). Ook de mantels voor de hoofdmannen worden door de vrouwen gemaakt. Deze mantels zijn geheel bedekt met veren van de Kiwi (veren van 20 Kiwi's) en alleen heel belangrijke Maori's, zoals een stamhoofd, hadden zo'n mantel.
Bij de Kiwi zijn de vrouwtjes veel groter dan de mannetjes (ongeveer de grootte van een kleine kip). Vrouwtjes kunnen per seizoen vijf eieren leggen en doen dat ongeveer 20 jaar lang. De eieren zijn ongeveer twee tot drie keer zo groot als die van een kip). Na het leggen van het ei, broedt het mannetje het ei uit. Mannetje en vrouwtje vormen een paar voor het leven. Kiwi's zijn nachtdieren, maar hebben een slecht gezichtsvermogen. Ze hebben wel een uitstekend gehoor en een goede reukzin. Ze eten wormen, insecten en bessen.
Sinds de Maori's is de uitroeiing begonnen want de meegebrachte varkens en honden vormden een ernstige bedreiging. De Kiwi is momenteel zo goed als uitgestorven.
We zien Kiwi's in een hok (broedprogramma). Helaas mogen we niet fotograferen of filmen. Jammer, want dan had ik die NightShot eens goed kunnen proberen. We gaan verder langs modderpoelen en geisers Aardig, maar Yellowstone NP heeft toch een mooier thermisch gebied. Maar wie weet wat we nog tegenkomen.
We zien de tea tree-plant. We dachten de hele tijd dat het een boom was, maar dit lijken wel struiken.
Het is intussen al bijna 18:00 uur. We kunnen nog ven de giftshop in en ma koopt wat voor Rutger en Isabelle. We hebben intussen een nieuwe sticker gehad (in het museum ook al) voor de volgende show.
De volgende show begint met een uitleg en het aanwijzen van een Chief voor onze groep. Het wordt Harm uit Friesland. De Chiefs moeten een welkomstspeech houden en elkaar op de traditionele manier begroeten (twee keer de neus tegen elkaar... moest iedereen ook al bij het uitstappen uit de bus). De ceremonie is vrij uitgebreid. De mannen moeten vooraan zitten voor het geval er toch strijd uitbreekt, zodat de vrouwen beschermd zijn. Oja, de schoenen moesten uit. Ma was daar niet blij mee, maar ver hoefden we niet meer te lopen.
De ceremonie is indrukwekkend. Het ziet er in ieder geval afschrikwekkend uit. Er wordt veel met de ogen gerold (mannen en vrouwen) en de mannen steken hun tong zeer ver uit (daar heeft die knakker van de rockband Kiss het natuurlijk van). Uiteraard is er niets van te verstaan.
Daarna een demonstratie en de obligate dansjes. De zang is wel ontzettend mooi. Klinkt heel zuiver en soms klinkt het zeer vrolijk. Het heeft iets Hawaiiaans. Het was en leuke show. Alleen dat meezingen en klappen was wat jammer ;-)
Om 19:30 uur gaan we dan eindelijk eten. Ik val bijna van mijn stokje. Ik heb al eerder op de avond wat druivensuiker genomen om alles enigszins onder controle te houden. Vlak voor het restaurant laten ze nog zien hoe de Maori de geisers gebruiken om het vlees te stomen.
Het is een zeer uitgebreid buffet. Een gedeelte met de voorgerechten (ah, lekker sla... maar er is meer: vis, mossel, salade, etc.), een gedeelte met Kumari (zoete aardappel), rijst, hertenvlees, kip, lamsvlees (met mintsaus) en varken. Het laatste deel is voor de toetjes (pavlova, ander gebak, fruit en kaas) Teveel om op te noemen.
Ik eet weer veel teveel, maar ik heb door het lange wachten ontzettende trek gekregen. De maaltijd wordt rond 21:00 uur afgesloten door middel van het zingen van een liedje uit elk van de in de eetzaal aanwezige landen: Amerika, Engeland, Ierland, Schotland Zwitsers, Pools, etc. Ook Limburg en Friesland komen aan bod. Ik geloof niet dat de Maori's op een gegeven moment nog begrepen waarmee wij bezig waren, maar onze groep was toch wel de gangmaker (in ieder geval werd elke keer luid meegezongen).
Rond 21:45 uur weer op de kamer. Bad met tea tree-olie. Na de zalfbehandeling ga ik maar naar bed. Ik begin weer gigantisch achter te lopen met het verslag. Nou ja, publiceren lukt vandaag toch niet. Ik kijk nog even "New Detectives" op Discovery Channel, maar rond 23:30 uur doe ik toch het licht maar uit.
Het is nog steeds warm en benauwd op de kamer. Hopelijk kunnen we slapen.